44 Weergaven
0 Downloads
Lees verder

Joris Van Puyenbroeck (red), Jeroen Knaeps, Benedicte De Koker, Jan Steyaert, Leen Heylen (2018) Wommelgem: de Boeck (164 pagina’s, € 24.50, ISBN 978-90-306-8992-8)

Mantelzorg is niet meer weg te denken uit de post-verzorgingsstaat. Hoewel de term al sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw in gebruik is, wordt deze zorg nu pas veelvuldig onderwerp van studie en ook van studieboeken. Er is een veelheid aan informatie over dit onderwerp, maar die is wijd verspreid en weinig gestructureerd. De aandacht voor dit thema is de laatste jaren sterk toegenomen, zowel in de wetenschappelijke literatuur als in het beleid en in de media. Vijf Vlaamse auteurs schreven een handboek voor studenten en professionals, speciaal gewijd aan mantelzorg.

De wereld van zorg en welzijn is voor veel zorgvragers en hun mantelzorgers een doolhof van papieren, instituten, instellingen en organisaties. Goede informatie is onontbeerlijk en professionals zouden die moeten kunnen geven. Goede samenwerking tussen professionals en mantelzorgers is daarvoor voorwaarde. Het is ook bij uitstek een thema dat multidisciplinair en multiprofessioneel benaderd zou moeten worden. De auteurs van dit boek zijn daarvan overtuigd en schreven een boek, waarin zij in het eerste deel de theorie die er is over mantelzorg beschrijven, en in het tweede deel praktisch te werk gaan.

In deel I komen als eerste de visies en essentiële inzichten rond mantelzorg aan de orde. Wat is het en in welke context krijgt het woord zijn betekenis? Wat betekent mantelzorg in de samenleving? Hoe past het binnen de demografische en socioculturele ontwikkelingen, of meer eigentijds gezegd, hoe past het binnen de overgang van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij? Is mantelzorg het antwoord op deze transitie of levert het problemen op die nieuw zijn? Nieuwe begrippen zoals de balans tussen draaglast en draagkracht komen in dit deel aan de orde en worden theoretisch uiteengezet. Mantelzorgers nemen taken over van de professionals, wat betekent dat voor de verhouding tussen professionals en mantelzorgers. Wat betekent dat voor de zorgvrager? Welke ondersteuning kan de professional bieden aan de mantelzorger? Vier kloeke hoofdstukken bieden een theoretisch fundament voor de praktijk. De hoofdstukken beginnen met een casus. In de marge wordt de casus met een icoon (in dit geval een soort notitieblokje) gemarkeerd. De figuren die gebruikt worden, worden eveneens in de marge gemarkeerd door een icoon met een punaise.

Deel II met de toepasselijke titel: ‘Aan de slag met mantelzorg’ bestaat uit tien hoofdstukken. Alle hoofdstukken zijn gebaseerd op een ‘Hoe-vraag’. Hoe vind je mantelzorgers, hoe weet je of het goed met hem of haar gaat, hoe kun je samenwerken en hoe kun je goed informeren, omgaan met conflicten en hoe ga je om met de privacy? Uitgangspunt van de hoofdstukken zijn steeds weer herkenbare casussen. Veelvuldig wordt erop gewezen dat de basishouding om met mantelzorgers om te gaan ‘respect’ is in alle voorkomende situaties. In dit tweede deel worden veel handreikingen gedaan in de vorm van tips en verwijzingen naar informatieve sites. De tips worden gemarkeerd door een icoon met een lampje, de verwijzingen naar sites met een icoon met www. Door deze iconen in de marge wordt het zoekproces naar wat je op een bepaald moment wilt weten, vergemakkelijkt. Zelf was ik zeer gecharmeerd van de verwijzingen naar de sites.

Elk hoofdstuk, zowel in het theoretische als in het praktische gedeelte wordt afgesloten met verwerkingsopdrachten. Voor studenten is dat zeker een goede manier om met de stof aan de slag te gaan. Maar ook voor professionals is het de moeite waard om naar de verwerkingsopdrachten te kijken en zo nu en dan er eens een te maken. Zo krijg je inzicht of je de stof hebt geïnternaliseerd.

Het boek is geschreven voor Vlaamse studenten en professionals. Dan is het evident dat met name het Vlaamse beleid besproken wordt en niet het Nederlandse. De auteurs hebben echter voor hun onderzoek het hele Nederlandstalige gebied bestreken en ook Nederlandse sites benoemd. Ikzelf heb het boek met veel interesse gelezen. Inderdaad er is heel veel bekend en onderzocht, als het zo allemaal bij elkaar staat is dat indrukwekkend. Het is zeker een handboek dat niet tot Vlaanderen beperkt zou moeten blijven.