12 Weergaven
3 Downloads
Lees verder
Student Rosalie Boter (24) woont sinds september 2021 in een seniorencomplex in Assen. Hier voerde zij haar afstudeeropdracht uit voor de opleiding Toegepaste Gerontologie in opdracht van woningcorporatie Actium. Doel van dit onderzoek was om uit te zoeken of een ‘insider’ met een professionele achtergrond kan bijdragen aan het verhogen van de sociale cohesie binnen een seniorencomplex.

Langer zelfstandig thuis wonen

De overheid stuurt er steeds meer op aan dat ouderen langer zelfstandig thuis blijven wonen (Ministerie van Volksgezondheid, 2021). Vanwege de kwetsbaarheid van veel ouderen is dit niet altijd even gemakkelijk. Ze moeten meer eigen regie gaan voeren, terwijl dat juist hetgeen is wat ze zo moeilijk vinden (RIVM, z.d.). Dit heeft grote impact op de ervaren kwaliteit van leven. Ze kunnen niet doen wat ze graag zouden willen en blijven vaker thuis (Movisie, 2020). Deze ouderen worden hiermee steeds afhankelijker van hun sociale netwerk, maar het hebben zo’n sociaal netwerk is niet altijd vanzelfsprekend. Door het overlijden van vrienden en familieleden én omdat ze minder deelnemen aan werk, school en sport (Berg, 2017), hebben ouderen namelijk kleinere netwerken dag gemiddeld. Ook zijn steeds meer ouderen alleenstaand en kinderloos (CBS, 2010). Dit zorgt ervoor dat ze zijn aangewezen op hun buurtgenoten.

Seniorencomplexen

Veel ouderen verhuizen naar een seniorencomplex in de hoop op een socialer leven, maar in de praktijk valt dit vaak tegen. Contact leggen met nieuwe buren en dat vervolgens onderhouden blijkt lastig. Schroom en conflicten staan in de weg (De klerk et al., 2019). In sommige seniorencomplexen is het aandeel kwetsbare ouderen erg groot. Deze mensen hebben al genoeg aan hun eigen problemen en zijn daardoor niet in staat om er te zijn voor hun buurtgenoten (Leidelmeijer et al., 2020), terwijl zij juist wel behoefte hebben aan meer contact (Coumans, 2020). Het is daarom voor ouderen die relatief veel tijd thuis doorbrengen, belangrijk dat hun woonomgeving aansluit bij hun behoefte aan sociaal contact. Dit vraagt om meer innovatieve woonvormen die de sociale binding tussen bewoners aanmoedigen.

Experiment: student in seniorencomplex

Woningcorporatie Actium is een project gestart om te kijken of een student ervoor kan zorgen dat er meer sociale cohesie ontstaat in een seniorencomplex (met kwetsbare bewoners). Het is een laagdrempelig experiment: de student mag gratis in het appartement wonen in ruil voor een maatschappelijke bijdrage in de flat. Het doel is: zorgen voor meer reuring in de flat en meer omzien naar elkaar. De eerste bevinding van de student is dat iedereen in de betreffende flat zijn of haar eigen leven leeft en geen idee heeft met wie ze in het complex wonen. Ze vinden het lastig om zelf het initiatief te nemen om met elkaar in contact te komen.

Toen student Rosalie in het complex kwam wonen, is zich gaan mengen met de senioren. In het begin besteedde ze veel aandacht aan de kennismaking met de bewoners en maakte ze duidelijk dat de mensen haar konden benaderen voor hulp en vragen. Dit deed ze door middel van aankondigingsbrieven en aanbellen bij alle 30 oudere bewoners om kennis te maken. Dit vonden de bewoners ontzettend leuk, ze werd bijna overal binnengelaten om een kop koffie te drinken.

Maatschappelijke bijdrage

Na een aantal weken kwamen de eerste hulpvragen binnen bij de student. Inmiddels helpt ze de oudere bewoners met allerlei dingen, zoals het printen van een QR-code, boodschappen doen, een stukje wandelen, het invullen van formulieren, helpen met problemen op de telefoon of de computer of meegaan naar het ziekenhuis. De student staat altijd voor de bewoners klaar, maar probeert de ouderen wel zoveel mogelijk zelf te laten doen. Een voorbeeld hiervan is het online verlengen van het parkeerabonnement voor een bewoonster. Deze dame schoof meteen de laptop naar de student toe, maar ze moest het toch eerst zelf proberen. Als er een vraag was zou de student haar helpen. Uiteindelijk lukte het de bewoonster om het abonnement zelf te verlengen. Dit zorgde ervoor dat zij meer eigen regie ervoer.

Vroeg-signalering

De student is voor de bewoners een bekend en vertrouwd gezicht geworden. Ze heeft als buurvrouw hele andere gesprekken met de bewoners dan bijvoorbeeld een wijkconsulent vanuit Actium of andere organisaties. Het grote verschil in deze gesprekken zit ‘m erin dat de wijkconsulent pas langskomt als er grote problemen zijn waar echt hulp bij nodig is. De student helpt al voordat de problemen groot zijn geworden of bij problemen of wensen waar professionals nooit voor gevraagd zullen worden, maar die wel belangrijk zijn. Hierdoor is de insteek van de gesprekken heel anders: problemen en wensen komen veel sneller aan het licht en er kan direct actie worden ondernomen.

Bewonerscommissie

Een grote wens van een bewoonster van de flat was het opzetten van een bewonerscommissie. Een bewonerscommissie is een groep huurders die de bewoners van een flat, complex of wijk vertegenwoordigt. De bewoonster wist niet waar ze moest beginnen en vond de procedure erg ingewikkeld, waardoor het er steeds niet van kwam. De student leverde hieraan een grote bijdrage door contact te leggen met instanties, plannen op papier te zetten, juridische zaken uit te zoeken en andere bewoners aan te moedigen om deel te nemen aan de bewonerscommissie.

Nu de bewonerscommissie er staat, is er vanuit Actium een bedrag vrijgekomen om activiteiten en initiatieven op te zetten voor de bewoners. Zo kan er van dit bedrag een bloemetje gebracht worden als iemand ziek is en kunnen er activiteiten van worden betaald. De eerste activiteiten en projecten zijn al in gang gezet. De bewonerscommissie is met Kerst bij alle bewoners langsgegaan om een klein kerstpakketje langs te brengen. Ook zijn er plannen gemaakt om een ontmoetingsplek op te zetten in de flat. De bewoners geven in interviews aan dat zij ontzettend blij zijn met de bewonerscommissie. Ze voelen zich gezien en gewaardeerd, doordat er aan hen wordt gedacht als ze bijvoorbeeld ziek zijn. De bewonerscommissie houdt de andere bewoners op de hoogte over de plannen door middel van een nieuwsbrief. In deze nieuwsbrief worden recente gebeurtenissen, handige weetjes en plannen gedeeld. Ook vertellen sommige bewoners in deze nieuwsbrief iets over zichzelf. Hierdoor raken de bewoners betrokken bij elkaar en leren ze hun medebewoners beter kennen.

Laagdrempelige ontmoetingsplek

De student heeft bijna dagelijks informele gesprekken met de bewoners. Soms spreekt ze bij de mensen thuis af om koffie te drinken, soms vinden deze gesprekken plaats in de hal of bij de ingang van de flat. Tijdens deze gesprekken komt de sociale cohesie in de flat ook regelmatig aan bod. Uit deze gesprekken bleek al snel bewoners graag meer contact willen met hun buren, maar dat de stap om bij elkaar aan te bellen te groot is. Als ze met de buren praten dan is dat vaak heel kort en oppervlakkig bij de ingang van de flat. Nadeel is dat het niet fijn is om daar lang te staan. Het is er koud, ongezellig en er is niets om op te zitten. Wel is de ingang van de flat een laagdrempelige plek, want mensen halen hier hun post op, lopen erlangs als ze naar de winkel gaan en ze wachten er op de taxi. Alleen voldoet deze plek niet aan de voorwaarden om er langer te verblijven. De student is daarom, samen met de bewonerscommissie, in actie gekomen om van de ingang een prettige ontmoetingsplek te maken, voorzien van een zithoek, koffiezetapparaat, verwarming en een boeken/spelletjeskast. Nu worden hier koffieochtenden en spelletjesmiddagen gehouden. Zo nu en dan komt er iemand langs om de bewoners te voorzien van informatie, zoals een vertegenwoordiger van een welzijnsorganisatie, de brandweer of andere organisaties die activiteiten organiseren in de buurt.   

Werkzame ingrediënten

De belangrijkste voorwaarden voor sociale cohesie in een seniorencomplex zijn: een initiatiefnemer, vertrouwdheid, begeleiding, laagdrempeligheid, elkaar beter leren kennen, betrokkenheid, samenwerken en een goed voorbeeld.

Een vertrouwde initiatiefnemer en begeleiding zijn belangrijk voor meer contact onderling, maar ook voor het opzetten van een activiteit of initiatief, zoals de bewonerscommissie. De meeste ouderen willen wel, maar weten niet waar ze moeten beginnen. Een student of een coach kan hierin het voortouw nemen. Dit kan dan net het duwtje zijn om er iets succesvols van te maken. Misschien dat een bewoner dat in sommige gevallen ook kan, maar dat wil niet altijd zeggen dat het ook geaccepteerd wordt door de medebewoners. In de flat waar de student woont valt op dat de bewoners alleen tegenspraak aanvaarden van de student, omdat zij er toch wat buiten staat. Deze begeleiding is belangrijk omdat er makkelijk ruzie ontstaat, waardoor de groep uit elkaar kan vallen. Dit is ook bijna voorgekomen in de flat waar de student woont. Op dat moment klopten de bewoners aan bij de student om hun ongenoegen uit te spreken. Zij sprak bewoners aan op hun gedrag en zorgde ervoor dat iedereen weer tevreden was.

Andere taken, zoals contact opnemen met Actium of het schrijven van een brief voor de andere bewoners, vallen ook vaak in de handen van de student. De leden van de commissie zijn zelf bijvoorbeeld bang om typefouten te maken of om niet goed tot de kern te komen in een brief. Wat betreft het contact met Actium, is het lijntje vanaf de student korter en laagdrempeliger. Door hen praktische taken uit handen te nemen, durven de bewoners grootser te denken. Zij zich hoeven zich niet druk te maken over het regel- en planwerk (waar zij moeite mee hebben) en kunnen zich richten op het inhoudelijk meedenken over leuke activiteiten en ideeën voor de flat. Laagdrempeligheid om elkaar te leren kennen is ook een belangrijke factor voor meer sociale cohesie. De meeste bewoners willen wel meer contact met hun buurtgenoten, maar het grootste struikelblok is het initiatief daarvoor te nemen. De student kan deze drempel wegnemen door ontmoetingen te faciliteren, bijvoorbeeld door meerdere buren tegelijk bij haar thuis uit te nodigen voor een kop koffie. Uit de praktijk blijkt dat bewoners na zo’n eerste kennismaking makkelijker met elkaar het gesprek aangaan. Als je bijvoorbeeld weet van een buurman dat hij gek is op zijn oude Mercedes, dan heb je altijd een gespreksonderwerp om met deze meneer contact te leggen. Om dit spontaan te kunnen doen, is het wel belangrijk dat er een laagdrempelige, gezamenlijke ontmoetingsplek is of komt, waar mensen dagelijks langslopen en waar ze aan kunnen sluiten als zij daar behoefte aan hebben.

Het is heel belangrijk dat een student, coach of woningcorporatie in alles wat ze doet of organiseert de bewoners blijft betrekken. Anders is het risico groot dat er iets bedacht wordt waar geen behoefte aan is. Daarom is het heel belangrijk om samen te werken, dan wordt er echt iets gedaan waar de bewoners zelf achter staan. Ook ziet de student dat het voorbeeld van elkaar helpen ervoor zorgt dat anderen dit ook sneller gaan doen.

Tot slot

Het is belangrijk voor woningcorporaties om dicht bij de bewoners te staan. De betrokkenheid van een student bij de bewoners kan ervoor zorgen dat er veel meer gezien en opgepakt wordt, dan wanneer bewoners actief hulp moeten vragen bij een organisatie op afstand. De combinatie van ‘tussen de mensen staan’ en een kort lijntje hebben met de woningcorporatie, werkt ontzettend goed om de sociale cohesie te verhogen.

Literatuurlijst

  1. Berg, P. V. D. (2017, 24 juli). Maak buurten waar ouderen bij elkaar kunnen wonen. Sociale Vraagstukken. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.socialevraagstukken.nl/maak-buurten-waar-ouderen-bij-elkaar-kunnen-wonen/
  2. CBS. (2010, 5 juli). Mannen vaker kinderloos. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2010/27/mannen-vaker-kinderloos
  3. CBS. (2022, 1 maart). Ouderen. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-bevolking/leeftijd/ouderen
  4. Coumans, M. H. S. (2020, 20 augustus). Sociaal contact: kwantiteit en kwaliteit. CBS. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2019/sociaal-contact-kwantiteit-en-kwaliteit?onepage=true
  5. De Klerk, M., Verbeek-Oudijk, D., Plaisier, I., & Den Draak, M. (2019, april). Zorgen voor thuiswonende ouderen. Sociaal en Cultureel Planbureau. https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2019/04/17/zorgen-voor-thuiswonende-ouderen
  6. Leidelmeijer, K., Frissen, J., & Van Ierse, J. (2020, januari). Veerkracht in het corporatiebezit. AEDES. https://dkvwg750av2j6.cloudfront.net/m/16e458814e279f4a/original/Rapport-Veerkracht-van-het-corporatiebezit-RIGO-30-januari-2020.pdf
  7. Ministerie van Volksgezondheid. (2021, 14 april). Langer thuis wonen voor ouderen: wat doet de overheid? Zorg en ondersteuning thuis | Rijksoverheid.nl. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/zorg-en-ondersteuning-thuis/langer-zelfstandig-wonen
  8. Movisie. (2020, 24 maart). Eigen regie: Wat weten we en waar staan we? Movisie. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.movisie.nl/artikel/eigen-regie-wat-weten-we-waar-staan-we
  9. RIVM. (z.d.). Kwetsbare ouderen. Geraadpleegd op 9 maart 2022, van https://www.rivm.nl/ouderen-van-nu-en-straks/kwetsbare-ouderen