113 Weergaven
0 Downloads
Lees verder
Met dank aan Corona is deze zomer in diverse media de onmin tussen de generaties stevig aangeblazen. Inzet van het debat: het recht van ouderen om zich in het openbaar te vertonen. Na ruim dertig jaar ijveren voor ouderenparticipatie en intergenerationele samenwerking is dat voor mij toch wel een zware dobber. Geen ouderen-participatie maar ouderen-segregatie. Wat zegt dit over het denken in onze samenleving over de positie van ouderen?

Echt iets om over na te denken. Want hoe langer de crisis duurt, hoe harder we terugvallen op wat Mathilda White Riley ooit muntte als een age-segregated society. Dat is een samenleving waarin de generaties niet eens meer vijandig, maar veel erger, onverschillig tegenover elkaar staan. Ze brengen hun tijd door in ruimtelijk en sociaal gescheiden enclaves: de school, het werk, de vrije tijd, het verpleeghuis. Ze leven volkomen langs elkaar heen. Bij afwezigheid van persoonlijke, intermenselijke contacten kennen noch waarderen ze elkaar. Als ze onverhoopt in elkaars vaarwater komen is dat ongemakkelijk. Biedt Corona nu het sluitstuk van dit treurige project?

Tijd om het denken over ouderen in coronatijd onder de loep nemen. Ik zie in het huidige debat drie denkrichtingen. Heel intuïtief, niet op basis van empirisch onderzoek. Maar toch. Ik noem ze achtereenvolgens: model zielig, -schuldig en -zinnig. Ter illustratie geef ik bij elk model een beeld, een zelfbeeld en een schets van de maatschappelijk impact van deze beelden. En ik kies partij.

Model zielig

Het bijbehorende beeld is de balkonserenade. Tot tranen geroerd en vol dankbaarheid staan ouderen vanaf hun balkons te luisteren naar de serenades van zangers, muzikanten, toneelspelers, Cliniclowns en andere barmhartige Samaritanen. Ouderen zijn de slachtoffers. Het zelfbeeld dat hier geïnduceerd wordt is: “Ik kan niets, ik heb hulp nodig, niemand zit op mij te wachten, ik ben zielig.” De impact: kortstondige vreugde, maar uiteindelijk vooral aangeleerde hulpeloosheid, afhankelijkheid, en (zorg)consumentisme. Goed bedoelde insluiting met uitsluiting tot gevolg.

Model schuldig

Het bijbehorende beeld is de (vrijwillig opgezochte) isoleercel. Zoals oud-VVD-senator en emeritushoogleraar medische ethiek Heleen Dupuis (75) het stelt in het Parool: “Laten wij ouderen thuisblijven als we daar jongere mensen de ruimte mee geven. Zij moeten de maatschappelijke processen op gang houden.” Hier is de oudere de dader. Het bijbehorende zelfbeeld: “Ik telde al niet mee, nu ben ik ook nog schuldig als ik mij in het openbaar vertoon.” De maatschappelijke impact is een mix van ervaren zinloosheid, onmacht en apathie, uitmondend in de ergste vorm van segregatie: een geïsoleerd verblijf achter de voordeur.

Model zinnig

Laat ik maar meteen kleur bekennen, mocht het nog niet duidelijk zijn. Ik ben voorstander van dit model. Het beeld dat ik voor me zie: een netwerk met vertakkingen met de oudere als spin in z’n web. Het bijbehorende zelfbeeld: “Ik doe mee, ik word gezien, ik hoor erbij, ik ben van betekenis voor de ander.” De maatschappelijke impact: versterking van het sociaal weefsel, meer sociale participatie en nieuwe netwerken waarin burgers van alle leeftijden elkaar ondersteunen, zingeving vinden in sociale contacten, hierin een hoge kwaliteit van leven ervaren en uiteindelijk minder afhankelijk zijn van dure specialistische zorg.

Niet zielig, niet schuldig, maar op 1,5 meter zinnig aanwezig in de age-integrated society van Mathilda White Riley.