Het behoud van denkvermogen (cognitief functioneren) is essentieel voor zelfstandig en vitaal ouder worden. Omdat effectieve behandelingen voor dementie ontbreken, verschuift de aandacht naar leefstijlfactoren die wél beïnvloedbaar zijn en waarmee cognitieve achteruitgang vertraagd kan worden. Dat niet roken, weinig alcoholgebruik en voldoende bewegen beschermend zijn voor het behoud van denkvermogen, is goed onderbouwd. Over de vraag in hoeverre voeding kan beschermen, bestaat echter nog discussie. Eerder onderzoek laat zien dat gezonde voedingspatronen, zoals het mediterrane voedingspatroon, het ‘Dietary Approaches to Stop Hypertension (DASH)’ voedingspatroon (gericht op bloeddruk) en het ‘Mediterranean-DASH Intervention for Neurodegenerative Delay (MIND)’ voedingspatroon (gericht op cognitie), samenhangen met minder cognitieve achteruitgang en een lager risico op dementie (Townsend e.a., 2023).
De EAT-Lancet Commissie introduceerde in 2019 een nieuw voedingspatroon dat zowel gezondheid als duurzaamheid ondersteunt (Willett e.a., 2019). Dit voedingspatroon benadrukt meer plantaardige producten – zoals volkoren granen, fruit, groenten, noten, peulvruchten en onverzadigde oliën – en beperkt onder andere rood en bewerkt vlees, toegevoegde suiker en geraffineerde granen. In dit onderzoek wordt de relatie tussen het naleven van de EAT-Lancet richtlijnen en cognitieve achteruitgang onderzocht binnen de Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA), waarbij een grote groep Nederlandse ouderen werd gevolgd over tien jaar.
Onderzoeksopzet
De deelnemers in deze studie komen uit LASA, een groot en representatief onderzoek onder Nederlandse volwassenen van 55 jaar en ouder. In 2014-2015 vulden zij een uitgebreide voedingsvragenlijst in. Op basis daarvan werd berekend in hoeverre hun voedingspatroon aansloot bij de EAT-Lancet richtlijnen, die bestaat uit 14 voedingscomponenten. Voor elke component werd een score (0–3 punten) toegekend: hoger voor hogere consumptie van volkoren granen, fruit, groenten, noten, peulvruchten, onverzadigde oliën en vis; lager voor hogere consumptie van rund- en lamsvlees, varkensvlees, gevogelte, eieren, zuivel, aardappelen en toegevoegde suiker. De totaalscore (0–42) werd verdeeld in vijf kwintielen van laagste tot hoogste naleving. Deelnemers ondergingen vier keer gedurende tien jaar cognitieve testen voor globale cognitie (het algemene denkvermogen gemeten met de Mini-Mental State Examination (MMSE)), geheugen (15-woordentest), informatie-verwerkingssnelheid (codeertaak), en executieve functies (beoordeeld met een test die laat zien hoe snel iemand woorden kan bedenken en kan schakelen in het denken, de Verbal Fluency test). De scores werden omgezet naar z-scores zodat de associaties met de verschillende cognitieve functies direct met elkaar vergeleken kunnen worden. In de analyses is rekening gehouden met factoren die zowel het voedingspatroon als het cognitief functioneren kunnen beïnvloeden, zoals leeftijd, opleidingsniveau, roken, alcoholgebruik, lichamelijke activiteit, body mass index (BMI), chronische ziekten, depressie en de totale energie-inname via de voeding. Er is daarnaast onderzocht of de verbanden verschilden tussen mannen en vrouwen.
Kenmerken van studiedeelnemers naar naleving van de EAT-Lancet richtlijnen
Er waren verschillen tussen deelnemers met een hoge en lage naleving van de EAT-Lancet richtlijnen. De groep met de hoogste naleving (hoogste kwintiel) was gemiddeld iets jonger, bestond vaker uit vrouwen en had vaker een hoger opleidingsniveau. Ook hadden zij een lagere BMI, rookten minder vaak, waren lichamelijk actiever en kregen gemiddeld minder energie (kilocalorieën) met de voeding binnen dan deelnemers met de laagste naleving (laagste kwintiel). Dit past bij een algemeen gezonder leefpatroon.
Wanneer gekeken werd naar de onderliggende onderdelen van EAT-Lancet, zagen we dat deelnemers het meest voldeden aan de EAT-Lancet richtlijnen voor fruit, gevogelte, eieren en zuivel. Ze voldeden minder goed aan de richtlijnen voor peulvruchten, noten, rund- en lamsvlees en onverzadigde oliën – wat suggereert dat juist op deze punten nog winst te behalen valt.
Associatie tussen voedingspatroon en cognitieve functie
Figuur 1 laat zien hoe de cognitieve functies zich ontwikkelden naarmate deelnemers ouder werden, vergeleken tussen de hoogste en laagste nalevingsgroep van de EAT-Lancet richtlijnen. De ontwikkelingen waren vergelijkbaar voor mannen en vrouwen. Deelnemers met de hoogste naleving scoorden gemiddeld beter op executieve functies dan deelnemers die het minst volgens de richtlijnen aten. Daarnaast gingen deelnemers die zich het meest aan de EAT-Lancet richtlijnen hielden langzamer achteruit in informatie-verwerkingssnelheid. Dat betekent dat zij langer efficiënt konden blijven reageren en informatie verwerken. Voor globale cognitie en episodisch geheugen werden geen duidelijke verschillen gevonden.

Breder bewijs voor een gunstig effect van plantaardig eten
Onze studie en andere studies (Gomes Gonçalves e.a., 2024; van Soest e.a., 2024; Zhang e.a., 2024) laten zien dat het EAT-Lancet voedingspatroon samenhangt met een betere cognitieve gezondheid op latere leeftijd. Het verband is niet voor alle cognitieve domeinen even sterk en bovendien varieert dit tussen studies. Verschillen in gebruikte cognitietesten, studie opzet en populaties spelen hierbij mogelijk een rol, dus hier is meer onderzoek nodig. Belangrijker voor de lezer is echter dat meerdere studies, ook op basis van vergelijkbare gezonde voedingspatronen (Townsend e.a., 2023), in dezelfde richting wijzen: een voedingspatroon met meer plantaardige voedingsmiddelen (zoals groenten, fruit, volkorenproducten, noten, peulvruchten) en minder dierlijke producten (zoals vlees, zuivel en eieren) lijkt gunstig voor het behoud van denkvermogen. Uit eerder onderzoek blijkt dat het EAT-Lancet voedingspatroon ook gepaard gaat met een lager risico op chronische aandoeningen zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker (Liu e.a., 2024).
Mogelijke aandachtspunten voor andere gezondheidsuitkomsten
Hoewel het EAT-Lancet voedingspatroon voordelen biedt voor cognitieve en lichamelijke gezondheid, vraagt een voedingspatroon met relatief weinig dierlijke producten aandacht voor voedingsstoffen zoals eiwit, ijzer, vitamine B12, en calcium. Dit is vooral belangrijk voor kwetsbare ouderen, die vaak een lage energie-inname hebben. Een te lage inname van hoogwaardige eiwitten kan een ongunstig effect op het lichamelijk functioneren hebben, terwijl een ontoereikende inname van calcium en vitamine B12 nadelig kan zijn voor de botgezondheid. Voor gezonde ouderen is een verschuiving naar een meer plantaardig – maar niet volledig plantaardig – voedingspatroon echter goed haalbaar zonder dat dit direct tot tekorten leidt, mits er voldoende wordt gevarieerd met de voeding (Gezondheidsraad, 2023). In onze studie bleek de naleving van de richtlijn voor peulvruchten het laagst, wat opvallend is omdat ze een duurzame bron van plantaardige eiwitten en vezels zijn. Meer gebruik van bijvoorbeeld bonen, linzen of kikkererwten kan helpen om voldoende eiwit en vezels binnen te krijgen, met aandacht voor milieu-impact.
Praktische betekenis voor het dagelijks leven
Onze resultaten wijzen erop dat een meer plantaardig eetpatroon, met voldoende volkoren granen, fruit, groenten, noten, peulvruchten en onverzadigde oliën – en beperkte hoeveelheden rood en bewerkt vlees, toegevoegde suiker en geraffineerde granen – mogelijk kan bijdragen aan het behoud van denkfuncties op latere leeftijd. Het EAT-Lancet-voedingspatroon is daarbij geen strikt of volledig plantaardig voedingspatroon: het laat ruimte voor kleine hoeveelheden vis, gevogelte, rood vlees, zuivel en eieren. Dat maakt het haalbaar en passend binnen uiteenlopende voedingsgewoonten, ook voor ouderen. Omdat de relatie met cognitie ook voor andere vergelijkbare gezonde voedingspatronen geldt, kan men ook de richtlijnen van het Voedingscentrum volgen, met name de Schijf van Vijf, die concrete porties aanbeveelt voor voedingsgroepen zoals groenten, fruit, volkorenproducten, vis, vlees, peulvruchten, zuivel en oliën. Op de pagina Hoeveel en wat kan ik per dag eten? vind je de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden per leeftijd en geslacht.
Over dit onderzoek is een publicatie verschenen in het voedingstijdschrift European Journal of Nutrition: Wijnhoven, H. A. H., Visser, M., Kok, A. A. L., & Olthof, M. R. (2025). Adherence to the EAT-Lancet diet and change in cognitive functioning in older adults. European Journal of Nutrition, 64(6). https://doi.org/10.1007/S00394-025-03753-3