54 Weergaven
0 Downloads
Lees verder
Mensen willen – ook als ze ouder worden - graag zelfstandig blijven wonen. Dat hoeft niet per se in het huis waar ze al jaren gewoond hebben. Maar wel in een woning waar het prettig ouder worden is, in een wijk met goede voorzieningen en de mogelijkheid tot sociale contacten. Deze veranderende woonwensen vragen om een gerichte aanpak, investeringen en daadkracht. Een speciaal aanjaagteam Langer Zelfstandig Wonen kwam in mei 2016 met aanbevelingen om te zorgen dat het noodzakelijke veranderproces op gang zou komen. Nu – ruim vier jaar later - is van de aanbevelingen nog nauwelijks iets gerealiseerd. Dat is niet alleen erg teleurstellend, maar vooral een grote gemiste kans. Want het aantal ouderen in Nederland groeit snel en de vraag is dan ook: waar moeten zij straks wonen?

Eén van de aanbevelingen van het aanjaagteam was de oproep aan gemeenten om een beter inzicht te krijgen in de demografische opbouw van hun ingezetenen. Op basis hiervan zouden gemeenten een woonzorgvisie en bouwplannen moeten maken voor zowel de korte als de lange termijn. Ongeveer 40 procent van de gemeenten heeft inmiddels een visie op wonen, alleen vaak nog zonder concrete bouwplannen. Maar het grootste deel van de gemeenten heeft nog steeds weinig inzicht in de demografische opbouw van hun inwoners voor de korte en lange termijn.

Veranderende woonwensen

De samenleving vergrijst en Nederlanders worden gezonder oud. Dat is op zich een mooie ontwikkeling. We zien alleen dat er onvoldoende wordt geanticipeerd en geïnvesteerd in de behoeftes en wensen van de vergrijzende bevolking. Ondanks alle signalen en diverse rapporten die de afgelopen jaren zijn gepubliceerd, is er nog zeer weinig gedaan om goed op de vergrijzing in te spelen. Zowel landelijke als lokale overheden blijven te veel op hun handen zitten.

De gevolgen hiervan zien we dagelijks. Er is een groot gebrek aan doorstroming op de woningmarkt waardoor ook starters en jonge gezinnen moeilijk een woning kunnen vinden. Dit geldt voor zowel koop- als huurwoningen. Wijken zijn niet ingericht op ontmoetingen en activiteiten in de eigen woonomgeving. Daardoor vereenzamen mensen en krijgen ze fysieke klachten. Ook wonen er steeds meer mensen nog volledig zelfstandig thuis voor wie dit zonder hulp steeds moeilijker wordt. Het resultaat hiervan is een toenemende zorgvraag, overspannen mantelzorgers en onnodige crisissituaties waarbij ouderen op de Spoedeisende Hulp terecht komen en/of met spoed naar een verpleeghuis moeten  waar dan vaak niet direct plek is (Commissie Thuiswonende Ouderen, 2020).

Goed ouder worden begint bij goed wonen

Deze problemen komen met enige regelmaat in het nieuws en versterken het beeld dat ouder worden zorgelijk is en ook met meer zorg moet worden opgevangen. Ouder worden wordt hiermee te vaak gezien als een kostenpost voor de samenleving. Maar veel is op te vangen als mensen goed en prettig wonen en de beschikking houden over een sociaal netwerk. Naar onze mening moet het landelijke en gemeentelijke beleid niet beginnen aan de zorgkant zoals dat nu gebeurt, maar bij goed wonen in prettige wijken, en bij welzijn en welbevinden. Juist door ouder worden te relateren aan zorg, zien we dat het gebrek aan daadkracht op de woningmarkt ook afgewenteld wordt op de zorg. Met als gevolg stijgende zorgkosten en een stagnerende woningmarkt.

Zelfstandig wonen kan ook met anderen

Op dit moment woont 90-95% van de ouderen (65-plussers) zelfstandig thuis (Commissie Thuiswonende Ouderen, 2020). Hiervan zal de groep alleenstaande ouderen toenemen. Nu zijn dit nog 920.000 mensen maar in 2040 bestaat deze groep volgens het Planbureau voor de Leefomgeving uit 1,7 miljoen mensen. Rond de 140.000 mensen wonen in deels ongeschikte woningen of te ver van voorzieningen. De behoefte aan passende huisvesting, waaronder vernieuwende woonvormen, neemt toe. De urgentie om deze woonvormen te bouwen is dus hoog.

ANBO doet regelmatig onderzoek naar de woonwensen en -behoeftes onder ouderen. Meer mensen gaan rond het pensioen nadenken over hun woonsituatie richting toekomst. We zien dat er een veranderende vraag optreedt. Met het ouder worden, geven mensen aan meer behoefte te hebben aan voorzieningen en sociale contacten in de directe woonomgeving. Men wil goed en gezellig ouder worden. Veel sociale contacten, zorgen voor elkaar maar vooral ook behoud van privacy. We zien dan ook een toenemende verhuisbehoefte. Uit een peiling van ANBO onder haar lede in februari 2020 bleek dat zo’n 30 procent van de 65-plussers op zoek is naar een andere woning. Van deze groep laat een kleine 90 procent weten dat dit helaas niet tot zeer moeizaam lukt.

 Goede voorzieningen en ruimte voor ontmoeten

Ouderen zijn dus best bereid om te verhuizen als het aanbod maar aantrekkelijk is en aansluit bij de veranderende woonbehoefte. De groep ouderen is divers en dus zal ook het aanbod divers moeten zijn. Bijvoorbeeld in de omgeving van de woningen zal veel ruimte moeten zijn voor mensen om elkaar te ontmoeten. Dat betekent horeca, winkels maar ook zorgvoorzieningen.

Voor gemeenten betekent dit investeren in woningen en wijken, verbouwen of nieuwbouw al naar gelang de mogelijkheden. Want, zoals gezegd: prettig wonen, contacten met anderen en een zinvolle bezigheid zijn de drie ingrediënten die de basis vormen om goed ouder te worden.

Woonopgave onderzoek

Omdat veel gemeenten nog steeds geen of weinig inzicht hebben in de demografische ontwikkelingen in hun gemeenten, hebben ANBO en branchevereniging van ouderenzorgorganisaties ActiZ de handschoen opgepakt. We hebben de demografische gegevens en beschikbare woonvoorraad in 2020 vergeleken met de demografische ontwikkeling naar 2040 en becijferd wat er dan nodig zou zijn.

De data zijn op diverse wijze toegankelijk gemaakt: van regio’s en gemeenten tot viercijferige postcodes of wijken en buurten. De gebruikte data zijn gebaseerd op de open data die data-analyse bureau Sinfore op intelligente wijze heeft verzameld.

Het onderzoek maakt zichtbaar wat de discrepantie is tussen de behoefte aan en de beschikbaarheid van seniorenwoningen in Nederland. Hieruit werd duidelijk dat ouderen en hun woonbehoeftes door veel gemeenten nog steeds niet serieus worden genomen. Uit het onderzoek blijkt een tekort van 80.000 geschikte senioren- of levensloopbestendige woningen.

Diversiteit en woonketen

Naast senioren– of levensloopbestendig (ver)bouwen is er ook dringend behoefte aan tussenvormen in het wonen. Tussenvormen waarin mensen meer geclusterd wonen maar met behoud van zelfstandigheid. Denk bijvoorbeeld aan hofjes of appartementengebouwen met gemeenschappelijke ruimtes en voorzieningen. Het mooiste is als er zo gebouwd kan worden dat binnen een wooncomplex of wijk mensen die meer intensieve zorg nodig hebben makkelijk in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven. Hiermee maken we ook diverse combinaties van wonen en zorg mogelijk.

ANBO wil de volgende punten op de politieke agenda

Zoals gezegd neemt door de vergrijzing de druk op de zorg toe. Daardoor ligt er ook een grote (bouw)opgave voor zorgorganisaties en woningcorporaties. Gemeenten zijn hierbij nodig, zij moeten sturing geven aan nieuwe initiatieven. Dit is heel belangrijk, want door meer én door diverse woonvormen voor ouderen te bouwen, voorkomen we dat de zorg in Nederland dichtslibt. ANBO wil daarom de volgende drie punten op de politieke agenda zien:

1.      Gemeenten moeten verplicht een woon/leef-visie hebben met concrete bouwafspraken

Bouwplannen komen slecht van de grond. Gemeenten blijven te veel hangen in hun onmacht om met betrokken partijen als corporaties en/of vastgoedontwikkelaars tot concrete plannen te komen. Het Rijk moet daarom dwingende bouwvoorstellen gaan opleggen en de rol van regisseur innemen.

Een (verplichte) integrale woon/leef-visie dwingt gemeenten om de demografische ontwikkelingen voor de korte en lange termijn in kaart te brengen en deze te relateren aan de bestaande woningvoorraad. Op basis daarvan zien ze hoeveel en wat voor woningen er nodig zijn gezien de behoeften en de bevolkingssamenstelling. Gemeenten moeten dit samen met de welzijnsorganisaties, marktpartijen, corporaties, zorgorganisaties en burgers doen.

2.      Weghalen van knelpunten in wetgeving

Belemmerende wet- en regelgeving moet worden weggehaald, zowel landelijk als lokaal. De belangrijkste knelpunten in de toewijzing: passend toewijzen en de verhuurderheffing. Daarnaast moeten gemeenten ook veel meer ruimte bieden aan burger- en particuliere initiatieven, zoals het splitsen van woningen, kangoeroewoningen in de tuin en/of het verbouwen van bestaand vastgoed op eigen grond.

3.      Woningbouwcorporaties moeten weer de ruimte krijgen in de lage vrije sector

Woningbouwcorporaties moeten weer de ruimte krijgen om naast sociale huur ook voor het middensegment te bouwen. Zij zijn in een prima positie om woningen te bouwen of aan te passen voor oudere mensen die willen doorstromen naar kleinere woningen in de huur- maar ook in de koopsector. Niet als projectontwikkelaar maar wel als aanjager en ontwikkelaar voor een bredere doelgroep. Dit creëert ook de noodzakelijke diversiteit in wijken en gebouwen.

Literatuurlijst

  1. Van tehuis naar thuis. (2016). Den Haag: Aanjaagteam Langer Zelfstandig Wonen.
  2. En we leven nog lang en gelukkig. (2017). Woerden: ANBO.
  3. Position papers: visie ANBO op inkomen, wonen en zorg. (2020). Woerden: ANBO.
  4. Oud en zelfstandig in 2030. Aangepast reisadvies (2020). Den Haag: Commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen.
  5. Aanpassen of verkassen? Langer zelfstandig in een geschikte woning. (2019). Den Haag: Planbureau voor de Leefomgeving.