Oude herinneringen, nieuwe klachten
Wanneer gesproken wordt over psychotrauma, denken veel mensen automatisch aan jongere volwassenen, bijvoorbeeld militairen die recent ingrijpende gebeurtenissen hebben meegemaakt. Minder bekend is dat ook ouderen regelmatig kampen met de gevolgen van traumatische ervaringen (Hoeboer e.a., 2025; Havermans e.a., 2023). Sommige gebeurtenissen liggen tientallen jaren achter hen, terwijl andere juist op hogere leeftijd plaatsvinden. Oorlogservaringen, verlies van dierbaren, mishandeling, ernstige ziekte of ingrijpende medische behandelingen kunnen allemaal langdurige psychische klachten veroorzaken. Bij aanhoudende psychische klachten die het dagelijks functioneren beïnvloeden, spreken we van een posttraumatische stressstoornis (PTSS).
Daarbij zien we ook dat bij het ouder worden mensen vaak terugblikken op hun leven en de balans opmaken. In 1963 werd dit fenomeen al beschreven door Erik. H. Erikson. Hij beschreef dit proces als een belangrijke fase binnen de psychosociale ontwikkeling bij het ouder worden. Het is een proces waarin vragen terugkomen als: heb ik een betekenisvol leven geleid? Ben ik tevreden met de keuzes die ik heb gemaakt en kan ik mijn successen én mijn fouten accepteren? Het doel van deze fase is om het levensverhaal als geheel te accepteren, met zowel de mooie als moeilijke ervaringen. Dat kan een gevoel van tevredenheid, acceptatie en rust bieden (Erikson, 1963). Aan de andere kant, kunnen gebeurtenissen die jarenlang op de achtergrond zijn gebleven in deze levensfase opnieuw opspelen en alsnog veel spanning, verdriet en angst oproepen. Er is nog weinig bekend over het op latere leeftijd opnieuw of alsnog krijgen van PTSS-klachten. Om dat beter te begrijpen, is meer wetenschappelijk onderzoek nodig.
Tegelijkertijd zien we dat trauma gerelateerde klachten bij ouderen niet altijd worden herkend (van Dongen e.a., 2022). Klachten zoals slaapproblemen, prikkelbaarheid, somberheid of vermijding worden soms toegeschreven aan het ouder worden, terwijl onderliggende traumatische ervaringen een belangrijke rol kunnen spelen. De afgelopen jaren is daarom steeds meer aandacht ontstaan voor psychotrauma binnen de ouderenzorg en in de wetenschap.
Een behandeling die hierbij steeds vaker wordt ingezet, is Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) (Shapiro, 2017). Hoewel sommige professionals zich afvragen of traumabehandeling op hoge leeftijd nog zinvol is, laat onderzoek zien dat ouderen net zo goed kunnen profiteren van EMDR als jongere volwassenen (Gielkens e.a., 2018). Ook op latere leeftijd kan het verwerken van traumatische herinneringen leiden tot minder klachten en een betere kwaliteit van leven (Gielkens e.a., 2025).
Wat is EMDR?
EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing (Shapiro, 1989). Het is een psychologische behandeling voor mensen die klachten houden na een ingrijpende of traumatische gebeurtenis. EMDR wordt vooral toegepast bij PTSS, maar kan ook worden ingezet wanneer nare herinneringen veel spanning, angst of verdriet blijven oproepen.
Tijdens de behandeling wordt de cliënt gevraagd stil te staan bij een nare herinnering. Tegelijkertijd voert de cliënt een taak uit die aandacht vraagt, bijvoorbeeld het volgen van de vingers van de therapeut met de ogen of het luisteren naar afwisselende geluiden. Zowel de nare herinnering en de afleidende taak vragen hierdoor tegelijk aandacht, waardoor de emotionele lading van de herinnering kan afnemen. De gebeurtenis wordt dus niet vergeten, maar roept vaak minder spanning op. Over het precieze werkingsmechanisme van EMDR bestaan echter nog vragen.
Een voordeel van EMDR is dat iemand niet altijd uitgebreid over de gebeurtenis hoeft te vertellen. De behandeling richt zich vooral op hoe de herinnering nu is opgeslagen en welke spanning, angst of betekenis deze in het heden oproept. Dat kan behulpzaam zijn bij ouderen, bij wie traumatische gebeurtenissen soms lang geleden hebben plaatsgevonden of moeilijk onder woorden te brengen zijn.
Casus: wanneer een pestervaring na zeventig jaar opnieuw invloed heeft
Mevrouw Janssen is 74 wanneer zij zich bij de huisarts meldt met toenemende angst- en spanningsklachten. In de afgelopen jaren zijn haar lichamelijke klachten toegenomen. Zij heeft last gekregen van incontinentie. Hierdoor durft zij steeds minder goed de deur uit.
In de gesprekken vertelt mevrouw Janssen dat zij op de basisschool regelmatig gepest werd, omdat zij als kind in haar broek plaste. Zij werd uitgelachen door klasgenoten en voelde zich destijds erg beschaamd en machteloos. Nu zij opnieuw te maken krijgt met incontinentie, komen deze nare herinneringen onverwacht weer sterk naar boven.
Mevrouw Janssen ervaart veel schaamte en angst rondom de incontinentie. Zij vermijdt sociale activiteiten en trekt zich steeds meer terug. Wanneer zij het gevoel heeft dat zij de controle verliest of mogelijk niet op tijd het toilet kan bereiken, voelt zij zich gespannen en onrustig. Ze heeft regelmatig nachtmerries waarin zij de gebeurtenissen van vroeger opnieuw beleeft en geschrokken wakker wordt.
Via de huisarts wordt mevrouw verwezen naar een psycholoog. In de behandeling wordt EMDR ingezet, gericht op de nare herinneringen aan de pestervaringen en de gevoelens van schaamte en angst die hierdoor opnieuw worden opgeroepen. Na de behandeling merkt mevrouw Janssen dat de herinneringen minder beladen aanvoelen. Zij ervaart minder angst en spanning rondom de incontinentie en durft geleidelijk weer meer activiteiten buitenshuis op te pakken. De herinnering aan wat er is gebeurd verdween niet, maar voelde minder alsof zij het opnieuw meemaakte. Er kwam meer afstand tot de herinnering, waardoor deze minder invloed had op haar dagelijks functioneren.
Deze casus illustreert dat traumatische herinneringen ook tientallen jaren na dato nog behandeld kunnen worden en dat verbetering mogelijk blijft, zelfs op hoge leeftijd.
Wat zegt de wetenschap over de werking van EMDR bij ouderen?
Lange tijd werden ouderen nauwelijks meegenomen in onderzoek naar traumabehandeling. Hierdoor ontstond soms het idee dat psychologische interventies minder effectief zouden zijn op hogere leeftijd. Inmiddels laat onderzoek echter een ander beeld zien.
Verschillende studies tonen aan dat EMDR effectief kan zijn bij ouderen met PTSS of andere trauma gerelateerde klachten (Gielkens e.a., 2025; Ruisch e.a., 2023). De afname van symptomen lijkt vergelijkbaar met de resultaten die worden gevonden bij jongere volwassenen. Ook wordt de behandeling over het algemeen goed verdragen.
Wel kunnen aanpassingen nodig zijn. Sommige ouderen raken sneller vermoeid, hebben bijvoorbeeld gehoor- of visusproblemen. Daarnaast kunnen lichamelijke aandoeningen invloed hebben op de duur of intensiteit van sessies. In de praktijk betekent dit vaak dat therapeuten een iets rustiger tempo hanteren of sessies aanpassen aan de belastbaarheid van de cliënt (Ruisch e.a., 2024).
Belangrijk is dat leeftijd op zichzelf geen reden vormt om af te zien van traumabehandeling. Het is vooral belangrijk om een goede beschrijving te maken van iemands klachten, hoe de traumatische gebeurtenis in het hier en nu een rol speelt en welke kwetsbaarheid- en veerkrachtfactoren aanwezig zijn. De aanwezigheid van motivatie en behandelbare klachten is veel relevanter dan het aantal levensjaren.
EMDR bij mensen met dementie
Een relatief nieuw onderzoeksgebied betreft de toepassing van EMDR bij mensen met dementie. Hoewel het geheugen bij dementie achteruitgaat, kunnen emotioneel beladen herinneringen opvallend lang aanwezig blijven. Soms lijken traumatische ervaringen zelfs opnieuw naar de voorgrond te komen naarmate de ziekte vordert. In de praktijk wordt regelmatig gezien dat mensen met dementie angstig, onrustig of geagiteerd reageren zonder dat direct duidelijk is waarom. Traumatische ervaringen uit het verleden kunnen hierbij mogelijk een rol spelen. Tegelijkertijd is het goed om te bedenken dat het een relatief nieuw onderzoeksveld is, waar nog veel werk in is te verrichten.
Eerste onderzoeken en casusbeschrijvingen laten zien dat aangepaste vormen van EMDR mogelijk kunnen bijdragen aan vermindering van angst en stress (Ruisch e.a., 2023; Ruisch e.a., 2024). Daarbij kan gedacht worden aan kortere sessies, eenvoudigere instructies, betrokkenheid van naasten en alternatieve vormen van werkgeheugenbelasting, zoals tikken of geluiden. Tegelijkertijd is meer onderzoek nodig naar voor wie EMDR passend is, welke aanpassingen nodig zijn en hoe de behandeling veilig en haalbaar kan worden ingezet binnen de dementiezorg. Inmiddels lopen er ook studies die traumabehandeling bij mensen met dementie in een beginnend stadium en verder gevorderd stadium onderzoeken, waaronder de TRAuma and DEmentia (TRADE)-study (Ruisch e.a., 2024) en de tREating Symptoms Of traUma iN severe Dementia (RESOUND) study. Niet alleen onderzoek naar EMDR, maar ook andere interventies voor mensen met een dementie zijn in de wetenschappelijke literatuur nog sterk onderbelicht.
Trauma bij ouderen vraagt om aandacht
Traumatische ervaringen verdwijnen niet vanzelf met het ouder worden. Juist op latere leeftijd kunnen oude herinneringen opnieuw naar de oppervlakte komen, bijvoorbeeld door verlieservaringen, lichamelijke achteruitgang, afhankelijkheid van zorg of andere ingrijpende veranderingen. Het is dan ook begrijpelijk dat gebeurtenissen uit het verleden opnieuw impact kunnen hebben en psychische klachten kunnen veroorzaken. Toch worden traumagerelateerde klachten bij ouderen nog regelmatig gemist of onvoldoende behandeld. Dat is jammer, omdat behandeling ook op latere leeftijd helpend kan zijn.
EMDR lijkt een effectieve en relatief kortdurende behandeloptie voor ouderen met traumagerelateerde klachten. Onderzoek laat zien dat ouderen goed kunnen profiteren van deze interventie en dat leeftijd op zichzelf geen belemmering hoeft te zijn voor herstel. Ook binnen de dementiezorg lijken er mogelijkheden te zijn. De komende jaren is meer kennis nodig over welke aanpassingen nodig en effectief zijn voor mensen met dementie.
De belangrijkste boodschap is daarom dat trauma bij ouderen aandacht verdient. Voor ouderen zelf kan het helpend zijn om ingrijpende ervaringen niet alleen te blijven dragen. Tegelijkertijd ligt hier ook een taak voor naasten, zorgverleners en behandelaren: bied ruimte om over moeilijke ervaringen te spreken, herken signalen van traumagerelateerde klachten. Overweeg passende behandeling wanneer klachten blijven bestaan. EMDR is daarbij één van de richtlijnbehandelingen voor PTSS en kan ook op latere leeftijd bijdragen aan minder klachten, meer rust en een betere kwaliteit van leven.
Verklaring gebruik generatieve AI
Voor dit artikel is ChatGPT gebruikt als schrijfhulp, onder andere voor het aanscherpen van formuleringen, het verwerken van feedback en het inkorten van tekst. De auteurs hebben alle suggesties gecontroleerd en alleen onderdelen overgenomen die inhoudelijk passend waren.